Kan de
loonstrook
beter?

In dit dataverhaal zetten we de ontbrekende elementen van de bestaande loonstrook op een rij. Waaruit bestaat de beloning van arbeid? En wat zien we daarvan terug op de loonstrook? Deze feiten roepen vragen op. Kan het beter? Volgens ons wel. Ons doel: een op feiten gebaseerd gesprek over een betere toekomst.

Opbouw van de loonsom
Totale loonsom Brutoloon Werkgeverslasten
Opbouw van de loonsom
Totale loonsom Brutoloon Nettoloon wig Werkgeverslasten Werknemerslasten Belastingen Premies volksverzekeringen Pensioenpremie
Verdeling van de totale arbeidsbeloning

Cijfers over 2014. Bron: CBS ( 1 2 3 4 )

Werknemers- en werkgeverslasten als percentage van het brutoloon

Bron: CBS ( 1 2 3 4 )

Verdeling van de totale werkgeverslasten
Verdeling van de totale werknemerslasten

Bron: CBS ( 1 2 3 4 )

Marginale druk inclusief toeslagen voor een één-ouder gezin 2015

Bron: checkbrutonetto.nl

Vakbond Werkgevers Overheid Werknemers
Wat staat er op de loonstrook?
Totale loonsom Werkgeverslasten Brutoloon Nettoloon Werknemerslasten
Beschikbaar inkomen huishoudens blijft achter bij bbp (index 1992 = 100)

Bron: DNB Bulletin

Wat betaalt de werkgever?

De werkgever betaalt de loonsom. De loonsom is de totale beloning voor de arbeid, dus alle loonkosten bij elkaar opgeteld. De loonsom bestaat uit het brutoloon plus de werkgeverslasten.

volgende

Wat krijgt de werknemer?

De werknemer krijgt het nettoloon. Dat is gelijk aan de loonsom min de werkgeverslasten en de werknemerslasten. Dit verschil tussen de totale loonsom en het nettoloon wordt de ‘wig’ genoemd.

volgende

Hoe groot is het verschil?

De totale loonsom in Nederland is in 2014 324 miljard euro. De werkgeverslasten zijn 74 miljard en de werknemerslasten 118 miljard. Er blijft circa 132 miljard over aan nettoloon. Van de totale loonsom blijft dus ongeveer 40 procent over als nettoloon voor werknemers; de wig is 60 procent van de totale loonsom.

De afgelopen vijftien jaar is de wig gegroeid. De werkgeverslasten zijn met vijf procent van het brutoloon gestegen. In euro’s staat dat gelijk aan twaalf miljard. Werknemerslasten stegen met tien procent van het brutoloon. Dat is een stijging van vijfentwintig miljard euro. Bij elkaar is de wig met zo’n 5.000 euro per werknemer gestegen.

volgende

Waar betalen werkgevers en werknemers voor?

Het geld dat werkgevers en werknemers afdragen, wordt gebruikt om verzekeringen en premies te betalen voor de werknemer én om de schatkist te vullen.

De werkgeverslasten bestaan uit:

  • Het werkgeversdeel van de pensioenpremie
  • De bijdrage aan ziekte-, werkloosheid- en arbeidsongeschiktheidsverzekeringen
  • De inkomensafhankelijke zorgpremie

De werknemerslasten bestaan uit:

  • De premies volksverzekeringen
  • Het werknemersdeel van de pensioenpremie
  • De inkomstenbelasting

volgende

Wat levert een extra euro brutoloon op?

Een euro bruto erbij levert de werknemer veel minder dan een netto euro op. Hoeveel minder? Dat hangt af van vele factoren. Van het begininkomen, de belastingen, de pensioenpremies, de toeslagen, de leeftijd en nog veel meer. Het punt is: hier heeft de werknemer geen zicht op.

Op de afbeelding hiernaast is weergegeven hoe loonsverhoging kan uitpakken voor een eenoudergezin. Voorbeeld: een extra euro loon bovenop de 20 duizend euro levert netto 15 cent op. Ofwel: de marginale lastendruk is 85 procent. Ook deze informatie – wat levert een euro bruto mij netto op? – ontbreekt op de loonstrook.

volgende

Wie beslist er over de lasten?

Niet de individuele werknemer. De overheid maakt samen met de werkgevers en de vakbonden afspraken over de hoogte en de besteding van de werkgevers- en de pensioenpremie in de werknemerslasten. Individuele werknemers hebben weinig invloed op die afspraken en zien de resultaten ervan maar ten dele terug op hun loonstrook.

volgende

Wat zien werknemers op hun loonstrook?

Op de loonstrook staan alleen de werknemerslasten. De werkgeverslasten ontbreken. Ook die euro’s zijn door de werknemer verdiend, maar hoeveel dat er zijn en waar ze naartoe gaan, blijft onzichtbaar, net als de invloed van toeslagen en de marginale lastendruk.

volgende

Wat is het probleem?

De wig is voor werknemers onzichtbaar, omdat werkgeverslasten niet op de loonstrook staan. Dit gebrek aan transparantie wordt nijpender: de wig groeit. Overheid en sociale partners verdelen een steeds groter deel van de loonsom. Werknemers houden daardoor een kleiner deel over om zelf te besteden. Het totale beschikbaar inkomen van huishoudens blijft daardoor achter bij het bruto binnenlands product (bbp).

volgende

Hoe kan het beter?

De huidige loonstrook kan beter. Eén: er ontbreekt informatie. Dit is op te lossen door informatie toe te voegen over de werkgeverslasten en de marginale lastendruk. Twee: de uitleg ontbreekt. Dit is op te lossen door die consequent toe te voegen, en niet alleen de cijfers te laten zien maar die ook te visualiseren. Zo ontstaat een eerlijke loonstrook.